Waarom Scandinavische openheid pure propaganda is

Naast zijn functie als leraar wiskunde, heeft Alaa verschillende patenten voor medische hulpmiddelen op zijn naam staan. Zijn vrienden noemen hem een genie. Zelf vindt de Syriër dat Zweden, het land waar hij asiel kreeg, geen kansen geeft aan getalenteerde mensen. Hij is diep teleurgesteld in de Scandinavische maatschappij. Hoe langer hij er verblijft, hoe depressiever hij wordt.

Racisme en propaganda

“Er werd mij verteld dat Scandinavië gastvrij en humanitair is. Niets is minder waar. Het is een uiterst racistische maatschappij. Eerst kwam ik in Denemarken terecht, waar ik duidelijk niet welkom was. Ik heb veel te verduren gekregen. Er is veel wantrouwen ten opzichte van mensen met een andere huidskleur, zeker wanneer deze ten einde raad zijn. Op een dag strompelde ik bleek en hongerig door een quasi verlaten straat. Ik zei niets, keek niemand aan, maar het was duidelijk dat ik niet uit de buurt kwam. Eén van de bewoners heeft haar hond op me afgestuurd. Afschuwelijk!

“Waarom Scandinavische openheid pure propaganda is” verder lezen

Vrouwen … Je weet hoe dat gaat

Irakees Hassan (rechts) en Syriër Muhammed (links) delen hun grootste liefde: kinderen. Telkens wanneer ze over hun familie vertellen, lichten ze op. Muhammed heeft een verblijfsvergunning in Duitsland, waardoor hij zich nergens zorgen om maakt. Bij Hassan ligt het anders. Zijn toekomst in Europa is onzeker. Hij is doodsbang om terug te keren naar Irak.  Terwijl we samen in een Syrisch restaurant aanschuiven, toont Hassan foto’s van de verwoesting die onlosmakelijk aan bombardementen gekoppeld is.

Dromen voor de kinderen

Sinds Cornelius en ikzelf van de Syrische keuken hebben geproefd, krijgen we er geen genoeg van. Als we er even tussenuit willen gaan, trekken we steevast naar een oriëntaals restaurant. Zo kozen we in Berlijn voor een Syrisch etablissement waar ze heerlijke geroosterde kip serveren. Met de nodige portie geluk strikten we een zitplaats. Toen de ober onze bestelling opnam, stonden andere gegadigden tot buiten aan te schuiven.

Hier ontmoetten we Hassan en Muhammed, twee vrienden die even verzot zijn op kippenkruidenmix als wij. Als ik hen met één woord zou omschrijven, zou ik het woord ‘hartelijk’ gebruiken. Hun glimlach leek op hun gezicht gebeiteld.

Ik haalde mijn beste Duits boven om hen aan te spreken. Dat was niet eenvoudig, moet ik toegeven. De lessen uit het middelbaar lijken uit mijn geheugen gewist. Ik was onder de indruk van de snelheid waarmee ze de taal hebben opgepikt. Muhammed kon mij nagenoeg perfect verstaan, maar had moeite om zich uit te drukken. Hassan sprong graag bij als vertaler. Hij leeft ondertussen meer dan een jaar in Duitsland en spendeert het gros van zijn tijd met de taal onder de knie te krijgen. “Dat is niet eenvoudig”, klonk het nadrukkelijk, “ik heb nooit gestudeerd. In Irak werkte ik als arbeider in de eierindustrie. Voor mijn kinderen lijkt alles gelukkig vanzelf te gaan. Zij gaan hier naar school en spreken Duits alsof het hun moedertaal is!”

Hassan glom van trots toen hij over zijn kinderen sprak. “Mijn kinderen zijn fantastisch! Ze wonen graag in Duitsland en hebben veel vrienden gemaakt. Mijn grootste dromen bewaar ik voor hen. Zij kunnen veel bereiken in hun leven!” Muhammed haalde zijn gsm boven om een foto van zijn 1 jarig kindje te tonen. Hij kreeg een weemoedige glans in zijn ogen.

Het was klaar als een klontje: deze twee vaders hielden zielsveel van hun kinderen.

Irak niet gevaarlijk genoeg

Nadat hij uitgepraat was over zijn kinderen, werd Hassans humeur somber. “Ik weet niet of we hier mogen blijven. Muhammed heeft geen problemen, want hij komt uit Syrië. Irak zou echter ‘niet gevaarlijk genoeg zijn’. Dat begrijp ik niet. Er zijn zoveel bommen! Als ik terug zou keren, loopt mijn familie gevaar.” Hij stak zijn vinger op, aangevend dat hij een idee had. “Wacht, ik zal het tonen … al is dit niet voor gevoelige ogen.” Hij glimlachte verontschuldigend naar mij, in zijn ogen een tere vrouw, waarna hij Cornelius bij de arm nam. Hassan bladerde door de foto’s op zijn gsm, waarna hij extreem harde beelden uitkoos. “Hier werkte ik. Er blijft niets van over.” Het was inderdaad niet voor gevoelige kijkers. De spanning steeg. Cornelius’ blik verstarde, terwijl hij meelevend knikte, terwijl Hassan foto’s van explosies en lichamen toonde. Misschien goed dat Hassan me in bescherming nam.

Na een korte stilte probeerden ze ons op te vrolijken. “Muhammed gaat nooit naar school!” deelde Hassan half-beschuldigend mee. Muhammed hief zijn handen in de lucht. “Ik kan er niets aan doen. Ze geven mij geen papieren”. Hassan fronste en zei: “Hoezo, geen papieren? Hoe kan dat nou?” Zijn Syrische vriend lachte schaapachtig. “Ik weet het niet. Het zij zo …” Muhammed maakte zich duidelijk geen zorgen. Pluk de dag leek zijn levensmotto.

Dat bleek inderdaad het geval. Na een poosje kreeg Muhammed telefoon van zijn vrouw. Ze vroeg zich af waarom hij nog niet thuis was. Hij proestte het uit toen Hassan dit vertaalde. “Oeps!” zei Muhammed schouderophalend. Ze trokken hun jas aan en namen afscheid. “Ach ja, vrouwen … je weet hoe dat gaat.” voegde Hassan er met een knipoog aan toe.

ABONNEER JE OP REFUTALES D.M.V. E-MAIL

Voer je e-mailadres in om je in te schrijven op deze blog en e-mailmeldingen te ontvangen van nieuwe berichten.

Hoe een Syrische regisseur een restaurant opende

Zelden ontmoet je mensen wiens kracht en levensenergie anderen tot beweging aanzetten. Sally Ghannoum is zo iemand. Anderhalf jaar nadat ze in België aankwam, heeft ze -met de hulp van tientallen nieuwe vrienden- een Syrisch restaurant uit de grond gestampt.

We spraken haar in het Antwerpse Dilbi Falafel, terwijl we van de verzorgde keuken genoten. Algauw werd duidelijk dat Sally meer te bieden heeft dan enkel Oriëntaalse schotels. Je zou haar de belichaming van geslaagde integratie kunnen noemen.

Restaurant in Arabische wijk

Dilbi Falafel is niet meteen een zaak die je per toeval ontdekt. Via mond-tot-mondreclame groeit het cliënteel gestaag. Het ligt in de Antwerpse Diepestraat (nr. 60), op tien minuutjes wandelen van het station. Mijn eerste impuls, de winkelstraat de Meir inlopen, onderdrukkend, begaf ik me naar de Arabische wijk. Sally droomt van een groot restaurant op de Groenplaats, maar neemt voorlopig genoegen met haar knusse zaak. Ze heeft gelijk. Misschien voegt de locatie zelfs wat toe aan de charme.

“Hoe een Syrische regisseur een restaurant opende” verder lezen

Sommige Europeanen denken dat vluchtelingen allemaal uit de jungle komen

Mustafa Aljaradi (31) komt oorspronkelijk uit de buurt van Raqqa, Syrië. Hij is politiek vluchteling. In zijn thuisland uitte hij stevige kritiek op het regime van Assad en IS. Uit angst voor represailles vluchtte hij drie jaar geleden naar Turkije, om uiteindelijk via Duitsland in Nederland terecht te komen. Hij voelt het als zijn roeping om de wereld wakker te schudden. Daarom laat hij via Facebook en Twitter (@Mjaradie), in woord en beeld, de verschrikkelijke gevolgen van de Syrische burgeroorlog zien.

Voor zijn aankomst in Nederland heeft Mustafa zijn vingerafdruk in Duitsland afgegeven. Hierdoor liep zijn procedure vertraging op. In Nederland bemerkt hij de vooroordelen en de verdeeldheid over vluchtelingen. Hij pleit daarom voor meer achtergrondinformatie over vluchtelingen, zodat mensen hun beeld kunnen bijstellen. Als je hem vraagt naar integratie, geeft hij aan dat dat het beste lukt als je de taal spreekt. Hier heeft hij enkele praktische tips voor bij de hand.

Aankomst in Nederland

Mustafa vertelt dat zijn onwetendheid over de gevolgen van het afgeven van een vingerafdruk in een Europees aankomstland, zijn proces heeft vertraagd. Voordat Mustafa anderhalf jaar geleden in Nederland aankwam, heeft hij namelijk bij aankomst in Duitsland zijn vingerafdruk afgegeven. Hij refereert naar het zogenaamde Verdrag van Dublin, ook wel de Dublin-claim genoemd. Mustafa lijkt tijdens het interview goed op de hoogte te zijn van de inhoud van dit verdrag. Dit was hem echter niet bekend toen hij in Europa aankwam.

"Sommige Europeanen denken dat vluchtelingen allemaal uit de jungle komen" verder lezen

Overheid moet vluchtelingen Netflix geven zodat taalstudie leuk wordt

Refutales-oprichtster Sajida Altaya  wil graag haar opinies delen, maar ook van haar cultuur laten proeven. Dat proeven neemt ze vrij letterlijk. Een volk leer je kennen via hun keuken. Met trots nodigde ze haar mede-oprichters bij haar gezin in Stuttgart uit voor een typisch Syrische maaltijd.

Hier leerden we dat haar zus Heba een totaal tegenovergestelde visie heeft op het leren van de lokale taal.

Zusterlijk gekibbel

Sajida’s moeder Waheba stond -met de nodige hulp van haar dochters- in voor het koken. Ze spaarde kosten noch moeite: gasten worden tot in de puntjes in de watten gelegd. Ze schotelde ons verse tabouleh, gevulde groenten, soepen en zelfgemaakte frietjes voor. Tussendoor genoten we van zelfgemaakte cakes, vruchtensap, thee en Syrische koffie. Het was overheerlijk.

"Overheid moet vluchtelingen Netflix geven zodat taalstudie leuk wordt" verder lezen

De maaltijden vulden onze magen niet, dus kregen we drie keer per dag een grote schep boter

Architect Sara* en computeringenieur Saïd* huwden vlak voor ze Syrïe ontvluchtten. Ze kregen asiel en wonen in een klein maar gezellig Belgisch appartementje. Hij is ingeschreven in de Master ‘computer science’, zij in een intensieve cursus Nederlands.  Ze verwelkomden ons in hun woning, waar ze vertelden over de erbarmelijke levensomstandigheden in Belgische vluchtelingenkampen.

Belgisch vluchtelingenkamp

Voeding

Sara* haalt haar schouders op. ‘We hadden vaak honger. Als we wat geld over hadden, kochten we chocolade. Ik zou liever pasta hebben gegeten, maar we konden niet koken in het kamp.’

‘De organisatie wist dat de maaltijden onze magen niet vulden, dus kregen we drie keer per dag een dikke schep boter’

Haar echtgenoot pikt in: ‘Het eten dat we voorgeschoteld kregen, was absoluut niet lekker. Het was ook maar net genoeg voor een vrouw, zeker niet voor een man. De organisatie wist dat de maaltijden onze magen niet vulden, dus kregen we drie keer per dag een dikke schep boter. Het was afschuwelijk. Sara werd hier ziek van. Ze is naar een dokter moeten gaan die haar adviseerde om van dieet te veranderen, maar dat stond de kampleiding niet toe.’

"De maaltijden vulden onze magen niet, dus kregen we drie keer per dag een grote schep boter" verder lezen

Syrische wetenschapper: integratiecursussen gaan niet over integratie

Architect Sara* en computeringenieur Saïd* huwden vlak voor ze Syrïe ontvluchtten. Ze kregen asiel en wonen in een klein maar gezellig Belgisch appartementje. Hij is ingeschreven in de Master ‘computer science’, zij in een intensieve cursus Nederlands. Ze verwelkomden ons in hun woning, waar ze vertelden hoe moeilijk het is om een job te vinden.

Warm welkom

De vlotte dertigers Saïd en Sara  zouden ons in hun Belgische appartementje ontvangen. We hadden hen nog nooit ontmoet en hadden dan ook geen idee wat we konden verwachten. De kleine lift bracht ons omhoog in het robuuste woningcomplex. Dit bouwde de spanning op die we voelden kriebelen. Vandaag zouden we ons eerste échte interview doen.

Het koppel wachtte ons glimlachend op. Saïd en Sara oogden ietwat verlegen, maar waren vooral blij met de interesse die we toonden. Ze namen onze jassen aan en gebaarden dat we binnen mochten komen. Met vers fruit werden we verwelkomd in de knusse woonkamer. Het leek alsof we elkaar al jaren kenden.

Eén week na hun huwelijk vluchtten ze naar Europa, waarbij ze de Middellandse Zee in een rubberbootje trotseerden.

"Syrische wetenschapper: integratiecursussen gaan niet over integratie" verder lezen

Inzichten van een jonge Syrische in Europa—Deel III: Misdaad en integratie

In Deel I en  II van onze interviewreeks met Sajida bespraken we de asielprocedure en cultuurschokken. Nu gaat haar verhaal verder. Het derde en laatste deel gaat dieper in op aanrandingen, Duits leren, en haar strijd om haar studies in Europa verder te zetten.

Deel III: Misdaad en integratie

Vorige keer spraken we over gebrek aan respect. Wat ging er door je heen toen je hoorde over de aanrandingen tijdens nieuwjaarsnacht in Keulen?

“Ik was geschokt!

Het duurde een tijdje vooraleer de berichten ons kamp bereikten, maar het kwam erg hard aan. Ik heb me keer op keer afgevraagd: waarom? Waarom zou iemand zoiets doen? Ik snapte het niet. Nog steeds niet. Ik weet dat mensen tot gruwelijkheden in staat zijn. Kijk maar wat er allemaal in Syrië is gebeurd … Maar massa aanrandingen? Neen, ik kon het niet vatten. Mijn hart bloedde.

"Inzichten van een jonge Syrische in Europa—Deel III: Misdaad en integratie" verder lezen

Inzichten van een jonge Syrische in Europa—Deel II: Aanpassen

Vorige keer vertelde Sajida over haar aankomst in Duitsland. Ondertussen gaat het verhaal verder terwijl ze zich aanpast aan haar nieuwe situatie. Deel II van de driedelige reeks ‘Inzichten van een jonge Syrische in Europa’ gaat in op de asielprocedure, veiligheid en cultuurschokken. 

Deel II: Aanpassen

Hoe verliep de asielprocedure?

“Bij onze aankomst in Duitsland vulden we allerlei papierwerk in. De komende maanden gaven we meer informatie over wie we zijn, waar we vandaan kwamen, en waarom we asiel wensten. We moesten ook meermaals voor de rechtbank verschijnen. Aangezien we onze Syrische afkomst konden bewijzen, was het onderzoek naar onze situatie relatief beperkt. Anderen moesten een veel langere procedure ondergaan.

Iedereen kreeg één boodschap: wachten.

“Inzichten van een jonge Syrische in Europa—Deel II: Aanpassen” verder lezen

Inzichten van een jonge Syrische in Europa—Deel I: Aankomst

In een verlichtend interview deelt RefuTales oprichtster Sajida Altaya haar ervaringen als vluchteling in Europa met collega’s Dorien Dierckx en Cornelius Roemer. Dit diepgaande gesprek resulteerde in een driedelige reeks. Deel I gaat in op haar reis naar Duitsland en de eerste maanden van haar verblijf.

DEEL I: Aankomst

Waarom ben je Syrië ontvlucht?

“We voelden ons niet meer veilig. In de zomer van 2014 veranderde het dorp waar ik opgroeide, ongeveer een uur rijden van Damascus, in een oorlogsgebied. Gevechten tussen rebellen en strijdkrachten van de overheid werden dagelijkse kost. We verhuisden naar Damascus in de hoop daar wat rust te vinden.

Zelfs daar bleek de situatie gevaarlijk. Het was onmogelijk om door te gaan met het dagelijkse leven. Na een maand verlieten we ons geliefde thuisland. Mijn zus besloot om samen met haar echtgenoot in Damascus te blijven. Dat was beangstigend. We namen haar negenjarige dochter mee in de hoop dat haar ouders ons later zouden kunnen volgen. Ze zijn ondertussen al meer dan twee jaar gescheiden.

"Inzichten van een jonge Syrische in Europa—Deel I: Aankomst" verder lezen